Hey.. hoe gaat ie?
Laat ik eerst eens vragen hoe het met jóu gaat! Want ik vind het al mega dat je weer — of nu voor het eerst — mijn blog leest. Ik vertel natuurlijk mijn hele doopzegel, maar hoe het met jou gaat vind ik net zo belangrijk.
Hoe was je week? Heb je je een slag in de rondte gewerkt, of heb je ergens nog naar adem kunnen happen in de zon? Vergeet namelijk niet ook te genieten, Linda — het leven is mooi met die gouden vriend in de lucht!
Ik hoop dat je je fijn voelt en er lekker bij zit. En als je je kut voelt, opgejaagd of verdrietig... hoop ik dat ik ergens een lach op je gezicht kan toveren. Hoop ik écht. En anders heb ik nog een techniekje voor je verderop in deze blog. ☕
Vorige week vertelde ik je dat de zweetdruppels er eigenlijk nog niet waren. En op zich gaat dat nog steeds prima. Maar eerlijk is eerlijk — af en toe word ik 's nachts rond vijf uur wakker met zo'n golf door mijn borst. Alsof je maag ineens tussen je oren zit en je oren in je kruis.
Ken je dat? Van vroeger, voor een wedstrijd of iets spannends.
Moet ik eerlijk bekennen dat dit eigenlijk fijner voelt dan vroeger. Want ik had altijd megafaalangst — zenuwen betekenden bij mij complete uitbarstingen, alsof mijn leven er vanaf hing. Maar dat heb ik overleefd. Dit is iets milder.
Mijn hoofd probeert me vooral 's avonds op bed gek te maken. Allerlei gedachten. En nee, viespeuk — niet alleen díé gedachten. Ik heb het over de gedachten die je angst aanjagen. "Heb je wel de goede beslissing genomen?" "Doe je hier wel goed aan?" En ga zo maar door.
Gelukkig weet ik nu dat die golf van paniek en zenuwen het enige is wat ik even heb aan te kijken. En dat mijn snavel gewoon zijn klep dicht mag houden.
Op het moment dat je dit leest, zit ik in de zoutkamer. Mijn kanalen — die in mijn hoofd — zaten een beetje verstopt, dus ik verplaats mijn lijf daar af en toe naartoe. Als alles gesloten en verstopt is: ga dat eens proberen. Je leiding gaat weer open en je krijgt weer lucht. De vorige keer dat ik hier zat kreeg ik ook de inspiratie om je te schrijven. Laten we dat volhouden.
Nog één weekje. Want dan gaan we.
Ik had het vorige week over mijn mooie prikbord en fijne matras en hoe ik perfect op schema lag. Nou — ik moet je zeggen, ik ga helemaal lekker. Verbaas me er zelf over.
Donderdag is de kar gekomen, dus volgende week is het echt standje inpakken. Camper voor de deur, kar ernaast en we gaan die lekker volladen. En terwijl ik zo stond na te denken over wat er allemaal in moet — want ja, dat doe ik, ik sta gewoon te nadenken bij een kar — dacht ik ineens: wacht. Hier kan ook een luchtbed in.
Want gevalletje snurken. Niet zomaar snurken. Nee — Robbin produceert 100 decibel aan volume uit zijn huig. Ik slaap zo licht dat wanneer er lucht uit welk gat ook komt, ik direct wakker ben. Dus of hij, of ik gaat in de kar. Met een luchtbed. Je moet in oplossingen denken.
Fuck my life.
Dus maar weer de kneedbare vrienden erin proppen. Het nadeel is dat die dingen soms zo vet zijn dat je 's ochtends wakker wordt met eentje verkleefd in je haar en je kop eruitziet als een frituurpan. Maar goed — ik slaap. En de kar staat klaar. Twee problemen, één oplossing.
En dan hebben we het nog niet eens over de trekhaak. Want vorige week — en eerlijk gezegd nog steeds — is het een gevalletje RDW doet fucking moeilijk om het van papier op kaartje te krijgen. En alsof dat nog niet genoeg was, kregen we ook nog te horen dat de trekhaak er misschien niet onder zou passen. Zweetspleet alom.
Maar! Bij de familie Haagsma gaat het altijd nét even anders. Uiteindelijk is alles goed gekomen — keurig gemonteerd door een zeer professional, met goedkeuring alom. Achterstevoren, maar het paste.
Als je straks op het nieuws hoort dat er een camper gestrand is omdat halverwege de kar er af is geflikkerd... weet je wie dat zijn. Rest in peace.
Nee, gekkigheid. Komt goed. En anders pakken we de mover en lopen we. Rust zal je bilnaad redden.
Aankomende week gaan we écht inpakken. Camper voor de deur, kar erbij, huis leeg trekken. We gaan eerst richting Portugal — was het idee.
Tot Robbin ineens kwam met: "We kunnen ook naar Zuid-Italië gaan en dan met de boot verder naar Sardinië."
Ken je dat? Dat je een error krijgt? Ik dacht altijd dat ik flexibel was. Mijn edele brein kon dit echter niet verwerken. Ik ben maar weggelopen — hint was duidelijk. Kalm aan, Pieter.
Alles kan zomaar veranderen, maar mijn ovulatie was nog aan de gang, dus ik weet niet welke combinatie precies voor kortsluiting zorgde. Maar goed. Wat doe je dan?
Je ademt. Gewoon. Diep in — tel maar even mee, 1, 2, 3 — en dan uit. Maar het dubbele. Dus 1, 2, 3, 4, 5, 6. Lang en rustig uit. Klinkt flauw. Werkt als een tierelier. Dit is geen yogapraat, dit is gewoon wat er in je lijf gebeurt: je zenuwstelsel schakelt terug. Of je nu in een file staat, op de wc zit of naast een man staat die Zuid-Italië als verrassing introduceert. Probeer het maar gewoon eens. Drie tellen in, zes tellen uit.
Niet de rust van "ik heb geen stress, ik ben wel chill" — terwijl je je schuldig voelt als je een kop koffie in de zon drinkt omdat de was nog gedaan moet worden. Ik bedoel rust waarbij je in de zon zit, je chill voelt en geniet zónder schuld of het gevoel iets te moeten.
Geen hartkloppingen omdat iemand je boos aankijkt en jij gelijk pijl en boog pakt om in de aanval te gaan. Of zweet in je spleet krijgt omdat iemand je afsnijdt en jij al een bijl klaar hebt.
Nee. Die tijd is geweest. Gaat nu lekker. Later meer.
Volgende week gaan we echt de voorbereiding in — en ik vertel je alle details. Want er staat genoeg op de planning. Afscheid nemen, bijvoorbeeld.
Ook zoiets. Ik heb een zeer kleine inner circle, en ik begrijp nu waarom. Ik heb de schurft aan afscheid nemen — dat heb ik van mezelf ontdekt. Ik ben het geval: clown uithangen en snel weggaan. Niks aan de hand. En zodra ik je weg zie gaan, jank ik de tempel rond.
Wat ik eigenlijk het liefste doe? Stilletjes weggaan. Met het gevoel van ik zie je wel weer. Geen groot gedoe, geen lange omhelzingen op de stoep. Gewoon: tot ziens. En dan doorlopen. Dat voelt het meest eerlijk. Het meest van mij.
En dat ik daar achter ben gekomen, dat kwam natuurlijk ook naar boven bij het overlijden van mijn ouders. Want als het aankomt op écht afscheid nemen — het definitieve — voelt dat in mijn hart als verlies. Puur en rauw. Heftig.
Maar — godzijdank — heeft deze meid een vracht aan technieken geleerd. En ben ik er na er diep doorheen te gaan, zo weer een stuk lichter uitgekomen.
Het lijkt misschien allemaal lol en gekkigheid hier — en dat is het ook, laat dat duidelijk zijn. Maar we gaan in de loop van de blogs ook van alles ontdekken. Jaha, spannend hè. 😜
Maar goed. Dan zet ik nu maar beter Marco Borsato op, die luidkeels duidelijk maakt dat afscheid nemen niet bestaat. Want even een friendly reminder: ik ga wel weg, maar ik smeer hem niet.
Ik blijf op je lip zitten. Niet fysiek — maar wel als een spookje. Denk maar aan mijn slogan: is het leven kut, adem het fut. Je ziet me misschien niet oog in oog tegenover je als een therapeut, maar deze meid zit wel in je hoofd. Ha!
Dus ik ga wel weg... maar verlaaaaat jeeeee niet. 🎶
Oké nou, lief mens. Tot volgende week. ♡
Een bakkie koffie en het eerlijke verhaal van Brigitte.
Vol humor, af en toe grof taalgebruik, eerlijk, inspirerend en motiverend.
Kleedje op de bank, jij leest — ik lul.
Mijn eerste blog nog niet gelezen? Die vind je hier.
Het einde is in zicht! Ik hoop dat ik ergens een glimlach op je prachtige snavel heb kunnen laten verschijnen. En als je je al lekker in flow voelt — dans deze zondag je mooie parade door de straat en spring in de tango met die sompige buurman!
En als je denkt: schiet mij maar de kerstboom in vandaag, zoek het uit met die klote collega... denk dan even aan mijn geheime wapen. 😄
Is het leven kut, adem het dan fut.
3 tellen in, 6 tellen uit. Of als je longen hebt van een olifant: 4 in, 8 uit.
Gratis. Zo uit mijn broekzak getovert. ♡
Nou lieve schattepetat, bedankt dat je er weer bij was. ♡